subsidies

Aanwervingspremie: starterjobs

Laatst gewijzigd:

18 december 2019

Doel:

Aanwerving van personeel

Soort tegemoetkoming:

Tewerkstellingsmaatregelen

Bestuursniveau:

Federaal
Samengevat

Een werkgever die een jongere aanwerft van 18, 19 of 20 jaar kan het verschuldigde brutoloon voor die jongere verminderen. Het loonverlies van de jongere wordt opgevangen door een compenserende toeslag. De werkgever betaalt de compenserende toeslag maar kan die kost in mindering brengen van de verschuldigde bedrijfsvoorheffing.

Waarover gaat het?

Een jongere die wordt tewerkgesteld via een starterjob behoudt het nettoloon dat hij normaal gezien zou krijgen terwijl de werkgever een vermindering van de loonkost geniet. Dat gebeurt in drie stappen:

  • Vermindering van het brutoloon volgens een percentage dat varieert naargelang de leeftijd.

  • Verhoging van het nettoloon met een compenserende toeslag die precies het nettoverlies dekt dat te wijten is aan het verminderde brutoloon.

  • Omzetting van die compenserende toeslag in een vrijstelling van de bedrijfsvoorheffing.

Deze maatregel wordt retroactief toegepast sinds 1 maart 2019.

Wie komt in aanmerking?

werkgeverS

De starterjobs zijn uitsluitend voor werkgevers die aan de volgende voorwaarden voldoen:

  • zij zijn onderworpen aan de regelgeving van de collectieve arbeidsovereenkomsten; met andere woorden, zij zijn actief in de privésector.
     
  • ze behoren niet tot een paritair comité met een degressief jongerenbarema*, behalve indien dat beperkt blijft tot studenten.

* Zijn bijgevolg uitgesloten: werkgevers van paritair comité 200 (aanvullend paritair comité voor bedienden) omdat in die sector een degressief jongerenbarema van toepassing is.

  • Ze betalen hun werknemers onder 21 jaar volgens het toepasselijke sectorale barema**. 

**Werkgevers die hun werknemers onder 21 jaar een hoger loon toekennen dat het sectorale barema, vallen niet onder deze maatregel. De wetgever oordeelt immers dat zij voor deze leeftijdsgroep sowieso een hogere loonkost aanvaarden. 

jongeren

De jongere dient gelijktijdig te voldoen aan de volgende voorwaarden:

  • jonger zijn dan 21 jaar (een jongere mag slechts werken via een starterjob tot de maand die voorafgaat aan de maand van zijn 21e verjaardag);
  • ten vroegste op 1 maart 2019 aangeworven zijn;
  • de dag voor de aanwerving ingeschreven zijn als werkzoekende bij de bevoegde gewestelijke instelling;
  • op het moment van de aanwerving 'onvoldoende' beroepservaring hebben. Een jongere heeft onvoldoende beroepservaring als hij (na 31 december van het jaar van zijn 18e verjaardag) in het zesde tot en met het derde kwartaal voorafgaand aan het kwartaal waarin hij werd aangeworven hoogstens één kwartaal voor meer dan 80% voltijds heeft gewerkt, bij om het even welke werkgever en in om het even welke sector.  De maatregel is dus in principe gericht op de allereerste arbeidsovereenkomst die de jongere na het einde van zijn studies afsluit. Om te vermijden dat een jongere om deze reden weigert arbeidsovereenkomsten van korte duur te aanvaarden, worden bepaalde prestaties in het verleden die een zekere omvang niet overschrijden, niet als werkervaring aanzien. De evaluatie van het beroepsverleden gebeurt door de RSZ bij de registratie van de Dimona. 

  • aangeworven zijn met een startbaanovereenkomst type 1, d.w.z. een minstens halftijdse arbeidsovereenkomst zonder luik 'opleiding' – de overeenkomst moet een clausule bevatten met betrekking tot de vermindering van het brutoloon en de netto compenserende toeslag;

  • een theoretisch brutoloon genieten (zonder de vermindering 'starterjob') dat niet hoger is dan het sectorale minimumloon.

Komen niet in aanmerking: leerovereenkomsten, jongeren in een systeem van alternerend leren, studentenovereenkomsten, flexi-jobs en arbeidsovereenkomsten die zijn afgesloten in het kader van een hertewerkstellingsprogramma.

Wat zijn de voorwaarden?

De arbeidsovereenkomst kan voor bepaalde of onbepaalde duur zijn, maar moet minstens halftijds zijn.

Er moet dus geen specifieke overeenkomst worden afgesloten, onder voorbehoud:

  • dat ze minstens halftijds moet zijn;
  • dat ze een verplichte vermelding moet bevatten: het feit dat de werkgever het normaal toepasselijke minimumloon vermindert en dat hij de forfaitaire toeslag zal betalen voor elke maand waarin hij de vermindering toepast (zie hierna). 
Welk bedrag wordt toegekend?

De werkgever heeft dus de mogelijkheid om een verminderd loon toe te kennen aan de jongere die aan de bovenvermelde voorwaarden voldoet. Het gaat wel degelijk om een mogelijkheid en niet om een verplichting voor de werkgever. Het staat hem vrij om deze vermindering niet toe te passen. 

Het basisbrutoloon van de jongere is het sectorale baremaloon, verminderd met een percentage afhankelijk van de leeftijd op het einde van de betrokken maand.

Leeftijd

% vermindering

<19

18 %

19

12 %

20

6 %

 

Het brutoloon met vermindering mag voor 19-jarigen met 6 maanden anciënniteit en 20-jarigen met 12 maanden anciënniteit niet lager uitkomen dan de verhoogde loongarantie van cao 43.

Leeftijd

Anciënniteit

Verhoogd gewaarborgd minimum (bedragen sinds 1 september 2018)

19

6 maanden

1.636,10 EUR 

20

12 maanden

1.654,90 EUR

 

Als de vermindering een lager bedrag dan deze bedragen tot gevolg heeft, moet ze tot deze bedragen worden beperkt.

WAT STAAT DAAR TEGENOVER VOOR DE JONGERE ?

Aangezien het verminderde brutoloon voor de jongere geen verlies mag betekenen voor zijn nettoloon, is de werkgever elke maand een compenserende toeslag verschuldigd. Die compenserende toeslag is gelijk aan het netto loonverlies, d.w.z. het verschil tussen het nettoloon berekend op basis van het normale (niet-verminderde) brutoloon en het nettoloon berekend op basis van het verminderde brutoloon.

Om het nettoloon op basis van het niet-verminderde brutoloon te bekomen, moet de werkgever achterliggend een fictieve bruto-nettoberekening uitvoeren, op basis van het normale brutoloon (zonder vermindering) waarop de jongere recht zou hebben.

verhoging voor arbeiders

De RJV en de vakantiefondsen berekenen het vakantiegeld op basis van het verminderde brutoloon dat werd aangegeven in de Multifunctionele aangifte (DmfA).  Om te vermijden dat arbeiders in een starterjob via hun vakantiegeld extra loonverlies lijden, wordt hun compenserende toeslag verhoogd met een bepaald bedrag.  Dat bedrag is het resultaat van een percentage berekend op basis van het verminderde brutoloon van de betrokken maand:

Leeftijd

Verhoging = % berekend op het verminderde brutoloon

<19

2,82 %

19

1,75%

20

0,82%

 

SOCIALE EN FISCALE BEHANDELING IN HOOFDE VAN DE WERKNEMER

Deze forfaitaire toeslag is vrijgesteld van socialezekerheidsbijdragen. Bovendien is ze niet onderworpen aan de personenbelasting en ook niet aan de bedrijfsvoorheffing.

SOCIALE EN FISCALE BEHANDELING IN HOOFDE VAN DE WERKGEVER

Deze forfaitaire toeslag is vrijgesteld van patronale socialezekerheidsbijdragen.

Op fiscaal vlak enerzijds zal deze forfaitaire toeslag niet aftrekbaar zijn als beroepskosten.

Anderzijds zal deze toeslag voor de werknemer in hoofde van de werkgever worden gecompenseerd in de vorm van een vrijstelling van doorstorting van bedrijfsvoorheffing. Het bedrag dat niet aan de fiscus moet worden doorgestort is gelijk aan de nettotoeslagen die de werkgever heeft betaald tijdens de periode waarin de bedrijfsvoorheffing verschuldigd is.

Als de door de werkgever verschuldigde bedrijfsvoorheffing na toepassing van eventuele andere maatregelen inzake vrijstelling van doorstorting niet groot genoeg is om het bedrag van de nettotoeslagen ervan af te trekken, kan het saldo naar de volgende periodes worden overgedragen en op dat ogenblik in mindering worden gebracht. Deze overdracht is alleen binnen hetzelfde kalenderjaar mogelijk.

Hoe een aanvraag indienen?

De werkgever moet expliciet in de arbeidsovereenkomst vermelden dat het brutoloon van de jongere wordt gecompenseerd in toepassing van deze regeling.

De compenserende toeslag is vrijgesteld van inhoudingen en bijdragen voor de sociale zekerheid en de fiscale inhoudingen. Dit betekent dat de compenserende toeslag niet moet worden aangegeven op de RSZ-aangiften. Voor wat de fiscale behandeling van de compenserende toeslag betreft, kan u contact opnemen met de Federale Overheidsdienst Financiën.

Op de DmfA-aangifte van de jongere moet de juiste code worden vermeld in het blok ‘Maatregelen tot bevordering van de werkgelegenheid’.

Indien niet alle regels zijn vervuld, is het niet-verminderde loon van toepassing en zijn ook de sociale zekerheidsbijdragen van toepassing op het niet-verminderde brutoloon.

Hulp nodig? Contacteer FOD Arbeid en Sociaal Overleg

Blijf up-to-date

Het ondernemerslandschap staat niet stil. Wil je niets missen? Sluit je aan bij 25.000 abonnees en ontvang elke twee weken gratis leerrijke inhoudsartikels, concrete tips, boeiende ondernemersportretten, actuele nieuwtjes en een overzicht van nuttige workshops en netwerkactiviteiten in Brussel in je mailbox.